product_iphone

Zeer gebruiksvriendelijk

Sinds een paar jaar heeft iedereen de mond vol van gebruiksvriendelijkheid, ofwel usability. Niet altijd wordt goed omschreven hiermee bedoeld wordt. Dit Wikipedia-artikel omschrijft usability als “the ease with which people can employ a particular tool or other human-made object in order to achieve a particular goal”. Als je goed afkadert wat je wilt weten en testen, kun je usability meten.

Je moet wat aspecten definiëren om ermee te kunnen werken:

  • De gebruiker: bijvoorbeeld een student of een oudere met beperkt zicht.
  • Het te testen voorwerp: dit kan een website zijn, maar ook het gebruik van een krant, software, auto of een IKEA-bed.
  • Een taak of doel: vind informatie in op de website of in de krant, maak (adres-)etiketten in MS Word 2007, rijd van A naar B met de auto of zet het bed in elkaar.
  • De efficiëntie: wanneer is iets efficiënt? Van Dale omschrijft efficiëntie als doelmatigheid, m.a.w.: de kortste weg naar het bedoelde eindresultaat. Per product en doelgroep zijn verschillende doelen te definiëren. Over het algemeen geldt hoe minder problemen en vragen bij het gebruik, hoe groter de usability van het product. Paperclips zijn hiervan een goed voorbeeld, ook bij gebruik waar ze eigenlijk niet voor bedoeld zijn.

Persoonlijk ben ik een fervent gebruiker van LaTeX, een opmaaksysteem dat lijkt op programmeren. Voor een technisch geörienteerde doelgroep is dit perfect; je hebt complete controle over je product. Voor vaste MS Word-gebruikers is dit een nachtmerrie; de meesten kunnen niet programmeren. Een goede definitie van de doelgroep is belangrijk: voor mij biedt LaTeX een hoge usability, voor de laatsten juist niet.

Niet iedereen kent LaTeX, maar de iPhone is algemeen bekend. Veel menen zijn het erover eens: de iPhone is een erg gebruiksvriendelijke telefoon. Hier vormt usability dus een verkoopargument en ook een bron van concurrentievoordeel.

Iedereen die het technologie- en media-nieuws bijhoudt weet dat er in de uitgeverswereld een revolutie bezig is: e-readers. We kunnen nu al digitale versies van kranten en boeken kopen en op een speciaal soort computer lezen. Een gewone krant openslaan in een volle trein is altijd lastig, je hebt immers 2 zitplaatsen nodig. Een e-reader biedt hiervoor een oplossing, daarnaast kun je de krant doorzoeken, inzoomen, kranten van de afgelopen 10 dagen meenemen, etc.

Conclusie: usability komt in meer aspecten van het dagelijks leven terug dan de meesten in eerste instantie beseffen. Gelukkig dat het na software ook steeds belangrijker wordt bij o.a. product- en industrieel ontwerp, voor sommige producten is dit ook wel nodig. Met wat aandacht en kleine (en soms grote) aanpassingen wordt het veel handiger in gebruik. Wij, consumenten, profiteren hier uiteindelijk van: we kunnen de taken in de professionele en privé-sfeer sneller, beter, makkelijker volbrengen.